Jaarrapportage Drijfvuil 2025
- Publicatie
- augustus 2026
Sinds 1997 onderzoekt O&S voor Waternet periodiek hoeveel drijfvuil er in het Amsterdamse water ligt. Dit gebeurt niet via een vragenlijst, maar door observatie: een teller van O&S beoordeelt iedere 3 weken op vaste plekken in de stad hoe schoon of vuil het water eruitziet aan de hand van vaste criteria. Elke beoordeling krijgt een score van 3 (vervuild) tot 9 (schoon). Ieder kwartaal worden die scores gemiddeld. Aan het eind van ieder jaar blikken we in een rapportage terug op de ontwikkelingen in het drijfvuil.

Amsterdam is voor dit onderzoek ingedeeld in zes wijken. Naast 51 vaste meetpunten, die bij elke meting worden gecontroleerd, kijkt de teller per wijk ook naar een aantal willekeurig gekozen locaties. Deze aanvullende metingen dienen als referentiekader: ze laten zien of de vaste meetpunten een representatief beeld geven van de wijk als geheel.
Gemiddeld genomen bleef de hoeveelheid drijfvuil in 2025 (7,9) vergelijkbaar met 2024 (8,0). Op de vaste meetlocaties bleef de gemiddelde score gelijk (7,8), terwijl de score op de willekeurige locaties licht daalde (van 8,7 naar 8,5). Tussen de wijken bestaan enige verschillen. Wijk 6 (de grachtengordel) scoorde het schoonst, met een gemiddelde van 8,6. Wijk 2 (onder meer de Erasmusgracht en Heemstedesluis) scoorde het laagst, met een gemiddelde van 6,8, en liet ook de sterkste achteruitgang zien ten opzichte van 2024. Bouwwerkzaamheden, stroming die drijfvuil op bepaalde plekken laat ophopen en opengebroken prullenbakken worden het vaakst genoemd als mogelijke verklaring voor een lage score.