Direct naar inhoudDirect naar contactgegevens

Bevolkingsprognose 2003 voor Amsterdam beschikbaar

26 april 2004

Volgens de Amsterdamse bevolkingsprognose van 2003 zal de bevolking van de stad toenemen van 739.000 in 2004 tot 835.000 in 2030, een stijging van bijna 100.000 personen. Hierbij is verondersteld dat de jaarlijkse woningproductie, die de laatste jaren sterk bij de plannen achterbleef, weer op gang komt. Volgens de woningbouwprogrammering zullen de komende jaren jaarlijks 3.000 woningen aan de woningvoorraad worden toegevoegd.

IJburg is het belangrijkste nieuwbouwproject met in totaal 18.000 woningen.Het aantal 65-plussers in Amsterdam neemt, in tegenstelling tot de rest van het land, af. In de stad vindt geen vergrijzing plaats, maar is er wel een groot aantal bewoners tussen de 40 en 60 jaar. Dit zijn de zogenoemde babyboomers; personen die tussen 1946 en 1965 geboren zijn. Doordat deze groep ouder wordt, zal de leeftijdsopbouw van de bevolking gaan veranderen. Anno 2011 zullen de eerste babyboomers 65 jaar worden en zal vanaf dat moment het aantal 65-plussers in Amsterdam weer gaan stijgen. Bij de jongere leeftijdsgroepen zijn de veranderingen veel geringer.Ook in de meeste stadsdelen heeft het ouder worden van de babyboomers gevolgen voor de leeftijdsopbouw. Op het ogenblik wonen er relatief weinig ouderen in de centrale delen van de stad. Gezien het relatief hoge aandeel babyboomers in de oude delen van de stad, zal in deze delen van de stad het aandeel ouderen toenemen. Hun geringe verhuismobiliteit zal hiertoe bijdragen. Het aandeel ouderen zal vooral in Amsterdam-Centrum toenemen. In 2004 heeft dit stadsdeel verreweg het hoogste aandeel babyboomers; eenderde van de bevolking is daar tussen de 40 en 60 jaar. Het aandeel 65-plussers is echter nog zeer laag. Door het ouder worden van de babyboomers zal het aandeel in korte tijd echter zeer snel stijgen en boven het stadsgemiddelde uitkomen.De prognosecijfers zijn hier beschikbaar voor de stad, stadsdelen en buurtcombinaties en zijn onderverdeeld naar leeftijdsklassen. De cijfers zijn opgesteld zijn samenwerking met de Dienst Ruimtelijke Ordening.

Dit artikel maakt deel uit van het thema
Deel deze pagina: