Direct naar inhoudDirect naar contactgegevens

Factsheet Impact 1e golf COVID19 op onderwijs

  • Publicatie
  • 27 april 2021

Hoe hebben ouders van schoolgaande kinderen de eerste golf van COVID19 beleefd? Met het oog op de tweede schoolsluiting kunnen lessen worden getrokken uit de ervaringen van het voorjaar. Gegevens uit een enquête over de impact van de eerste golf van COVID19 op onderwijs ondersteunen de aanpak van de wethouder onderwijs: ongelijke kansen moeten worden bestreden door ongelijk te investeren. Uit onze gegevens blijkt dat dat ook precies is wat de scholen en de leerkrachten in de praktijk hebben gedaan.

In de zomer van 2020 hebben de VU en OIS een enquête uitgezet onder een steekproef van ruim 6.000 Amsterdammers over de impact van COVID19 op verschillende levensdomeinen. Het doel van het onderzoek was om inzicht te geven in de impact van COVID19 op verschillende bevolkingsgroepen in de stad, in het bijzonder groepen met een migratieachtergrond.

Daar waar in de andere factsheets gegevens worden gepresenteerd van alle respondenten (meer dan 1200) gaat het bij onderwijs alleen om de respondenten met kinderen in de schoolgaande leeftijd, oftewel 140 ouders. Van hen hadden er 82 minstens een kind in het primair onderwijs en 59 minstens een kind in het voortgezet onderwijs voor wie zij de vragenlijst hebben ingevuld. Dat is een redelijk kleine groep waardoor de gepresenteerde resultaten met de nodige voorzichtigheid moeten worden gelezen.

Over de factsheets

Een jaar na het begin van de coronacrisis brengen de Vrije Universiteit en OIS vier factsheets uit over hoe Amsterdammers de eerste golf en de eerste lockdown hebben beleefd. Deze factsheets zijn gebaseerd op een enquête die is uitgevoerd vlak na de eerste golf, en die grote verschillen laat zien in de impact van corona en de coronamaatregelen. Dit laten we zien op het gebied van vier thema’s: gezondheid, inkomen en werk, buurt en sociale contacten, en onderwijs.

Resultaten en conclusies

De enquête laat zien dat hoog opgeleide en jonge Amsterdammers relatief vaak zelf besmet zijn geraakt of iemand in hun omgeving. Er werd toen nog weinig getest, dus het gaat ook om vermoedens. Toch waren dat destijds niet de groepen die de meeste risico’s beleefden op het werk of op straat. Ook laat de enquête zien dat bijna een kwart van alle respondenten er financieel op achteruit is gegaan tijdens de eerste golf. Amsterdammers met een migratieachtergrond die laag opgeleid zijn hierbij onevenredig hard getroffen, maar ook hoogopgeleide Amsterdammers zonder migratieachtergrond, vooral de zzp’ers onder hen. Verder blijkt dat relaties in de buurt en met buren een belangrijke plaats zijn gaan innemen in het voorjaar van 2020. Dit had zowel positieve als negatieve gevolgen.

Achtergrond van het onderzoek

Onderzoekers van de Vrije Universiteit en van OIS hebben de enquête in de zomer van 2020 uitgezet onder een representatieve steekproef van de Amsterdamse bevolking. Het doel van het onderzoek was om inzicht te geven in de impact van COVID19 op verschillende bevolkingsgroepen in de stad, in het bijzonder groepen met een migratieachtergrond. Aanleiding waren signalen dat er grote verschillen waren in besmettingen maar ook wat betreft de impact van de crisis.

Inmiddels is bekend dat er wat betreft besmettingen weinig verschillen zijn geweest tussen de belangrijkste groepen met een migratieachtergrond en de groep zonder migratieachtergrond. Ook brengt OIS inmiddels de impact van de coronacrisis op veel verschillende terreinen in kaart in een dashboard.

De enquête is een belangrijke aanvulling op alle cijfers omdat het inzicht geeft in de beleving van Amsterdammers. In totaal hebben 1.240 Amsterdammers van 18 jaar en ouder de vragenlijst ingevuld. Dat gebeurde online, op papier of telefonisch. Naar leeftijd, geslacht, migratieachtergrond en verdeling naar stadsdeel vormt de groep respondenten een goede afspiegeling van de Amsterdamse bevolking.