Direct naar inhoudDirect naar contactgegevens

Amsterdamse Burgermonitor jongvolwassenen 2023

De meerderheid van de Amsterdammers tussen de 16 en 25 jaar vindt het prettig om in Amsterdam te wonen en voelt zich verbonden met de stad. Acht op de tien jongvolwassenen heeft zich weleens politiek ingezet. Dit doen zij het vaakst door te stemmen. Toch zijn er ook zorgen. Zo vindt meer dan de helft dat zij te weinig invloed hebben op wat er in de stad gebeurt. Ook zegt een vijfde van de jonge Amsterdammers mensen te zijn gaan haten om de standpunten die zij innemen. Verder voelt een kwart van de jongvolwassenen zich vaak eenzaam.

In Amsterdam wonen 112.500 Amsterdammers tussen de 16 en 25 jaar. Deze groep jongvolwassenen groeit en verandert van samenstelling. In de Burgermonitor jongvolwassenen staat deze groep centraal. Hoe kijken jongvolwassen Amsterdammers naar het samenleven in de stad en de Amsterdamse politiek?

Een meerderheid van de jongvolwassenen vindt het prettig om in Amsterdam te wonen. Ook voelt meer dan de helft zich verbonden met de stad. Het aandeel dat zich verbonden voelt is wel lager dan onder 25-plussers. Daarbij voelde een kwart van de jongvolwassen Amsterdammers zich in de afgelopen 12 maanden vaak eenzaam.

De meerderheid van de jongvolwassenen vindt dat het de goede kant op gaat met de stad. Dat vinden zij vaker dan hun oudere stadsgenoten. Ook over de eigen toekomst is iets meer dan de helft van de jongvolwassenen positief.

Toch vindt twee derde van de jongvolwassenen dat zij het minder makkelijk hebben dan de generaties voor hen. Ze maken zich, net als 25-plussers, zorgen over de woningmarkt, over het verkeer en over de veiligheid in de stad. Ze maken zich bijvoorbeeld zorgen of zij een koophuis kunnen kopen voor hun veertigste. Ook vragen sommigen zich af of zij in de toekomst voldoende inkomen zullen hebben voor een prettig leven.

Polarisatie van politieke meningen sterker dan onder 25-plussers

De meeste jongvolwassenen hebben een divers netwerk. Zij gaan in meer of mindere mate om met mensen met een andere achtergrond dan zijzelf. Dat doen zij vooral met mensen met een andere culturele achtergrond of een ander opleidingsniveau.

Ook vinden jongvolwassenen dat verschillende groepen jonge Amsterdammers over het algemeen goed met elkaar omgaan. Een uitzondering daarop zijn groepen die verschillende politieke opvattingen hebben. Bijna een derde vindt dat de omgang tussen deze groepen slecht is.

Jongvolwassenen zien daarnaast dat de meningsverschillen tussen groepen mensen groter worden. Ze hebben het gevoel dat ze een kant moeten kiezen in maatschappelijke en politieke discussies. Dit leidt er in sommige gevallen ook voor dat zij negatieve gevoelens krijgen over groepen die op dit vlak andere meningen hebben. Een vijfde van de jongvolwassenen is iemand gaan haten om de standpunten van die persoon. Dat aandeel is twee keer zo hoog als onder de 25-plussers.

Sommige jongvolwassenen zeggen bijvoorbeeld deze gevoelens te hebben gekregen over mensen die discrimineren. Een kwart van de Amsterdamse jongvolwassenen heeft in het afgelopen jaar zelf discriminatie meegemaakt. Dit is meer dan onder 25-plussers.

Jongvolwassenen hebben interesse in politiek maar weinig politiek zelfvertrouwen

De meerderheid van jongvolwassenen toont enige interesse in de politiek. Zo luistert de meerderheid met aandacht en interesse als een gesprek over politiek gaat of doet daar actief aan mee. Ook weet een ruime meerderheid de naam van de Amsterdamse burgemeester te noemen.

Acht op de tien jongvolwassenen heeft zich weleens politiek ingezet. Dit doen zij het vaakst door te stemmen. Ook boycotten zij soms bepaalde producten of kopen die juist vanwege politieke, ethische of milieuredenen.

Toch lijkt het politieke zelfvertrouwen onder jongvolwassenen niet groot. Bijna de helft geeft aan dat zij de politiek wel enigszins begrijpen. Maar een kleiner deel denkt later zelf in de politiek te kunnen werken. Ook vinden weinig jongvolwassenen dat zij voldoende invloed hebben op wat er over de stad wordt besloten.